Zwangerschapshaptonomie

De begeleiding in 3 fases

Eerste fase: contact met elkaar en met het kind in de zwangerschap

De begeleiding begint zodra de ouders dat willen, idealiter tussen de 16e en de 20e week van de zwangerschap. Ouders komen ongeveer vijf tot zeven keer voor de geboorte.

De partner (lees: vader of mee-moeder) leert hoe hij contact maakt met het kind door zijn hand met aandacht op de buik van de moeder te leggen. Het kind zal gaandeweg vertrouwd raken met deze aanraking. De partner zal merken dat het kind soms naar hem toe komt, als hij het daartoe de ruimte geeft. Niet zozeer door iets te doen maar eerder door aandacht te geven en te wachten, het kind kan zich dan als het ware in zijn hand nestelen.

De moeder leert hoe ze optimaal ruimte kan maken voor het groeiende kind in haar buik. Daarbij leert ze het contact met haar kind te verdiepen en het daardoor dichter bij zich te dragen. Naarmate de moeder meer contact heeft met haar kind en haar eigen lichaam, zal de zwangerschap voor beiden comfortabeler aanvoelen. Ook als er last is, pijn, verdriet of ongemak kan daar binnen de begeleiding zorg en aandacht voor zijn.

Tweede fase: voorbereiden op de bevalling

De ouders leren hoe ze samen de weeën op kunnen vangen. Ze ervaren hoe ze dicht bij elkaar kunnen blijven, ook als het moeilijk wordt of anders loopt dan verwacht. De partner leert hoe hij de moeder kan helpen om tijdens het gehele geboorteproces met haar aandacht en gevoel bij haar eigen lijf, bij zichzelf, en bij het kind te blijven. Ze oefenen praktisch hoe ze met de pijn van de bevalling kunnen omgaan.

Meer lezen over pijn bij de bevalling

Derde fase: na de geboorte van het kind

Na de geboorte komt het stel nog één of meer keren terug, afhankelijk van wat voor de ouders en hun kind zinvol is. Besproken wordt hoe de geboorte is verlopen, hoe de moeder herstelt en hoe het tussen de ouders en het kind gaat. Er is ruimte om stil te staan bij het vinden van een nieuw evenwicht met elkaar.

Het contact met elkaar, dat als een rode draad door de voorbereiding liep, is ook in deze bijeenkomst weer het onderwerp. Zo leren de ouders dat het aanraken, verzorgen, tillen, dragen, voeden, troosten en spelen met hun kind allemaal waardevolle contactmomenten kunnen zijn.

Begeleiding voor en na de zwangerschap

Het is mogelijk om aan de zwangerschapshaptonomie te beginnen vanaf het moment dat toekomstige ouders een kinderwens hebben. De begeleiding kan doorlopen tot ongeveer een jaar na de geboorte van hun kind. Zeker als er een moeilijke bevalling is geweest of als het kind veel huilt, is voortzetting van de begeleiding zeer welkom en zinvol, blijkt uit de ervaringen van ouders.

Menu